Tagarchief: vertrouwen

Uw data worden gebruikt. En nu?

IMG_5050

De commotie rond het plan van ING Bank om uw betaaldata aan adverteerders te koppelen maakte mij toch een beetje blij. Voor het eerst klonken protesten van politici die uw betaalgedrag niet als handelswaar zien. De lamlendigheid waarmee we allemaal accepteren dat er geen privacy meer bestaat is opmerkelijk. De commotie had overigens effect: vandaag kondigde ING aan dat de proef voorlopig niet doorgaat.

Dat plan gaat overigens wel gewoon door en over vijf jaar combineert de supermarkt niet alleen uw aankoopgegevens met uw financiële gedrag, maar ook met de gezondheidsgegevens uit het elektronische patiëntendossier dat er toch blijkt te komen. Dat is namelijk beter voor u. Lees verder

Advertenties

2 reacties

Opgeslagen onder Bedrijven, Marketing, Uncategorized

Wet op het thuiswerken

Inspirerend kantoor - foto: Flickr

Deze week werd er bericht over een wetsvoorstel van Ineke van Gent (GroenLinks) en Eddy Hijum (CDA) om werknemers het recht op thuiswerk te geven. Het moet natuurlijk wel in overleg met de werkgevers, betreuren de indieners van het wetsvoorstel, maar voortaan moeten werknemers gewoon thuis kunnen werken, tenzij de werkgever bewezen “zwaarwegende” argumenten heeft. Wat een contraproductief wetsvoorstel!

Met de huidige technieken om overal te kunnen werken onafhankelijk van tijd en plaats is er voor veel mensen, met name kennis- en kantoorwerkers, de mogelijkheid ontstaan om bijvoorbeeld thuis of in een Seats2meet-achtige omgeving te werken. Ideaal! Het is voor veel taken een meer productieve en motiverende omgeving, prettiger ingericht en fijner verlicht, het is veel efficiënter door het vervallen van reistijd en het zorgt voor werkers die tevredener in hun vel zitten. En privé en werk makkelijker kunnen combineren. Mensen die thuis werken hebben over het algemeen ook nog veel betere spullen dan dat verouderde mainframe met gefilterd Internet Explorer 6 van de werkgever. Maar dat is bijzaak.

In dat licht bezien is het heel bedenkelijk om dagelijks uren in de file te staan om in een onbereikbaar stadshart of aan een peperdure Zuidas in een te duur kantoor te gaan zitten met een tekort aan parkeerplaatsen. Met het oog op de vierkantemeterprijs van de moderne kantoren zijn veel kantoren anno 2012 ingericht als de typekamers uit de jaren vijftig van de vorige eeuw. Veel mensen samengepakt, het liefst op flexplekken, in een kudde bij elkaar zodat de manager zijn discipelen makkelijk kan controleren. Het oude denken van de aanwezigheidscultuur is nog steeds niet uitgeroeid. Zoals bij een bekend managementadviesbureau waar consultants dagelijks om 18.15 nog even liever niks gaan doen dan alvast naar huis gaan; het is ‘not-done’ om voor 19.00 de burelen te verlaten omdat dat niet bij de ambitie past die je uit moet stralen.

De wet op het thuiswerken gaat dit niet oplossen. Nog los van de aanwezigheidscultuur is er bij veel managers een wantrouwen waarneembaar tegen thuiswerken. Gebrek aan vertrouwen dat is ontstaan doordat thuiswerken om één of andere reden altijd op vrijdag gewenst is. Of omdat thuiswerken vaak gecombineerd moet worden met een niet-sluitend oppasrooster voor kleine kinderen. Wel flexibel werken, heet het dan, maar wel op een vaste dag waar niet meer door de werkgever vanaf geweken mag worden. Omdat er anders een probleem ontstaat met oma of het kinderdagverblijf. En dát zijn precies de verkeerde argumenten om een werkgever te overtuigen. Werken en oppassen gaan niet samen. Althans werken niet productiviteitsverbeterend, maar eerder stressverhogend. Geen thuiswerkwet die daar iets aan veranderd. Daarom is hét gebruikte argument van GroenLinks en CDA dat werknemers werk en zorg moeten kunnen combineren ook geen overtuigend argument.

De oplossing ligt ergens anders. Namelijk in de aansturing van al die productiviteit. Sturen op output in plaats van op input. Aantonen met meer/beter/mooier resultaat dat het kantoor in de meeste gevallen allesbehalve de beste werkplek is. Afspraken maken over het op te leveren resultaat in plaats van over zichtbaar aanwezige uren. Dat is misschien lastig voor de manager die helder moet formuleren wat het gewenste resultaat is, maar wel de sleutel om op een eigentijdse manier het werkzame leven in te richten. Dit wetsvoorstel vergroot slechts de kloof tussen controle en vertrouwen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Bedrijven, Organisatie-ontwerp, Uncategorized

Vertrouwen

Ofschoon het vandaag alweer uit het nieuws is verdwenen publiceerde NRC Handelsblad gisteren het bericht dat een “substantieel deel van de Nederlandse banken” zich niet houdt aan de eigen, met zichzelf overeengekomen gedragscode.

Wat jammer. En wat schadelijk.

Wat is er aan de hand? Een kwart van de banken weigert onder andere het bonusbeleid vast te leggen op maximaal 100% van het basissalaris.

Over de hoogte van bonussen kan ik hier niets loslaten – er zijn mensen met meer kijk op dit onderwerp. Maar het is wel een maatschappelijk thema. Het boek “Bonus” van Kilian Wawoe ligt inmiddels bij de bestsellers in de boekhandel. Mijn verbazing is dan ook groot dat een kwart van de banken zich niet houdt aan zelfgemaakte afspraken. Met verstrekkende gevolgen voor de financiële sector zelf. De enorme vertrouwensdeuk die de sector opliep in de kredietcrisis is weliswaar in behandeling bij de schadehersteller, maar met een doorlopende stroom aan dergelijk nieuws is het zinloos plamuren aan de diep blijvende deuk.

Want wat heeft dit voor gevolgen voor de positionering en de merklading van banken? De schadeherstellers van de vertrouwensdeuk zijn de communicatieafdelingen en reclamebureaus die campagnes ontwikkelen die vertrouwen moeten uitstralen. Vaker dan ooit wordt vermeld dat het betreffende instituut sinds 17-zoveel geweldig werk levert. De bewijsvoering van dit vertrouwen wordt in die campagnes overigens geaccentueerd door kleine dingetjes: u mag wel een keer binnen pinnen op grote toetsen of we hebben wat oude spaarrekeningen gesaneerd. Verder is het zoveel mogelijk “business as usual”. Met deze boodschap worden de merken  voorzien van een negatieve lading. Ook al zijn de kleine dingen fijn, de markt wacht nog steeds op echte verandering.

Het is dus niet vreemd dat het vertrouwen nauwelijks toeneemt, dat de krant van wakker Nederland in een mum van tijd honderden reacties krijgt op artikelen over misstanden bij banken en dat werkzoekende bankmedewerkers door het UVW wordt aangeraden om op hun CV maar te verzwijgen bij welke bank ze hebben gewerkt.

Hoe is het nodige vertrouwen terug te winnen – met het nodige geduld? Door de bonus af te schaffen of te beperken tot maximaal het bedrag van een dertiende maand en dat duidelijk te vertellen. Centraal te stellen in een campagne zelfs. Beseffen dat “business as usual” niet bestaat na de kredietcrisis en de dienstverlening echt innoveren. Door eerlijke, transparante (dat betekent inzichtelijke en controleerbare) diensten aan de klant te bieden. Normaliter krijg je vertrouwen door je gewoon altijd aan je afspraken te houden. De commissie Burgmans stelde gisteren helaas vast dat het nog niet zover is.

  A. Burgmans – Bloomberg/NRC

Campagnes die “goed” beloven in combinatie met “fout” gedrag bereiken het omgekeerde van het beoogde effect. Maar het is nooit te laat om met goed en maatschappelijk geaccepteerd  gedrag de KPI’s voor marktaandeel en klanttevredenheid weer omhoog te buigen. Het kwart van de banken dat hieraan nog niet wil voldoen had dit reeds moeten veranderen zodat het vertrouwen voor de hele sector oprecht wordt terugverdiend. De NVB (Nederlandse Vereniging van Banken) zou met royement moeten dreigen van  leden die de sector bebonussen. En driekwart van de banken moet proactief het goede voorbeeld geven om dat ene kwart te overtuigen. Dat is het idee anno nu.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Bedrijven, Boeken, Marketing